Uitleg van de hadith van Jibrīl in het onderwijzen van de religie – Shaykh ’Abdel-Mohsin Al-’Abbâd Al-Badr
Deze hadith is de eerste hadith in het Boek van het Geloof in Sahih Muslim. Hij werd overgeleverd door Ibn ‘Umar (de zoon van ‘Umar), die hem zelf van zijn vader (‘Umar) overleverde. Er is een verhaal over de overlevering van deze hadith, vermeld door Muslim in de inleiding van deze hadith samen met zijn overleveringsketen, van Yahyā ibn Ya‘mar, die zei:
“De eerste die sprak over de voorbeschikking (Qadar) in de stad Basra was Ma‘bad Al-Juhanī; daarop vertrokken Khālid ibn ‘Abd ar-Rahmān Al-Himyari en ik — voor de hadj of de ‘umrah.”
Uitleg van de hadith van Jibrīl in het onderwijzen van de religie – Shaykh ’Abdel-Mohsin Al-’Abbâd Al-Badr - Blauw.02 is nabesteld en wordt verzonden zodra het weer op voorraad is.
Pick-up beschikbaar bij 107 Bd National
Meestal klaar binnen 24 uur
Beschrijving
Beschrijving
We zeiden: “Als we een van de Metgezellen van de Boodschapper van Allah ﷺ zouden ontmoeten, konden we hem vragen stellen over wat deze mensen zeggen over de voorbeschikking (Qadar).” Allah vergemakkelijkte voor ons de ontmoeting met ‘Abdullāh ibn ‘Umar ibn Al-Khattāb, die de moskee binnenging. We positioneerden ons beiden naast hem, één aan zijn rechterzijde en de ander aan zijn linkerzijde, en ik vermoedde dat mijn metgezel mij de verantwoordelijkheid zou overlaten om te spreken. Ik zei:
“O Abū ‘Abdir-Rahmān! Er zijn mensen verschenen onder ons die de Koran reciteren en kennis zoeken (en hij noemde andere kenmerken), en ze beweren dat er geen voorbeschikking is en dat Allah de dingen pas weet nadat ze gebeuren.”
Hij (‘Abdullāh ibn ‘Umar) antwoordde:
“Als je hen ontmoet, laat hen weten dat ik onschuldig aan hen ben en zij onschuldig aan mij! En bij Degene bij Wie ‘Abdullāh ibn ‘Umar zweert, als een van hen het equivalent van de berg Uhud in goud zou geven als aalmoes, zou Allah het niet van hem aannemen totdat hij gelooft in de voorbeschikking.”
Hoogte: 21 cm
Breedte: 14,8 cm
Aantal pagina’s: 48 pagina’s
Auteur: Shaykh 'Abdel-Mohsin Al-'Abbâd Al-Badr
